Skip to content
Church.wiki
Genesis

Genesis 21

Petrus Canisius Translation

Translation: CANISIUS
Start reading

1En Jahweh trok Zich Sara aan, zoals Hij gezegd had; Jahweh deed Sara zijn belofte gestand.Select Genesis 21:1

2Zij werd zwanger, en schonk Abraham op zijn oude dag een zoon, juist op de tijd, die God had voorzegd.Select Genesis 21:2

3Abraham noemde den zoon, die hem was geboren, en dien Sara hem geschonken had, Isaäk.Select Genesis 21:3

4En Abraham besneed zijn zoon Isaäk, toen hij acht dagen oud was, zoals God hem bevolen had.Select Genesis 21:4

5Abraham was bij de geboorte van zijn zoon Isaäk honderd jaar oud.Select Genesis 21:5

6Sara zeide: God heeft mij reden tot lachen gegeven; en ook iedereen, die het hoort, zal lachen.Select Genesis 21:6

7En zij zeide: Wie had tot Abraham durven zeggen: Sara zal nog kinderen voeden? Toch heb ik een zoon gebaard op zijn oude dag.Select Genesis 21:7

8Het kind groeide op, en werd aan de borst ontwend; en toen Isaäk van de borst werd afgenomen, richtte Abraham een groot feestmaal aan.Select Genesis 21:8

9Maar toen Sara den zoon, dien Hagar de Egyptische aan Abraham geschonken had, haar eigen zoon Isaäk zag uitlachen,Select Genesis 21:9

10sprak ze tot Abraham: Jaag die slavin met haar zoon weg; want de zoon van die slavin mag geen erfgenaam worden met mijn zoon Isaäk.Select Genesis 21:10

11Dit woord verdroot Abraham om zijn zoon.Select Genesis 21:11

12Maar God sprak: Wees niet verdrietig om den knaap en om uw slavin. Willig alles in, wat Sara u zegt; want alleen wat van Isaäk afstamt, zal uw nakomelingschap worden genoemd.Select Genesis 21:12

13Toch zal Ik ook van den zoon der slavin een volk maken, omdat hij uw kind is.Select Genesis 21:13

14Daarom nam Abraham de volgende morgen brood en een zak water, gaf ze aan Hagar, zette het kind op haar schouder, en zond haar weg. Zij ging heen, maar verdwaalde in de woestijn van Beër-Sjéba.Select Genesis 21:14

15Toen het water uit de zak op was, legde zij den jongen onder een der struiken neer.Select Genesis 21:15

16Zelf ging zij op een boogschot afstand daar tegenover zitten; want ze zei: Ik kan het kind niet zien sterven. En terwijl ze zo tegenover hem zat, begon ze hardop te snikken.Select Genesis 21:16

17God hoorde ook den knaap schreien; en de engel van God riep uit de hemel tot Hagar, en zeide tot haar: Wat is er toch Hagar? Wees maar niet bang; want God heeft het schreien van den jongen gehoord; dat betekent immers zijn naam.Select Genesis 21:17

18Sta op, neem den knaap op, en houd hem goed vast; want Ik zal een groot volk van hem maken.Select Genesis 21:18

19Toen opende God haar ogen, zodat zij een waterput zag; zij ging de zak met water vullen, en gaf den jongen te drinken.Select Genesis 21:19

20En God was met den knaap. Toen hij groot was geworden, vestigde hij zich in de woestijn, en werd een boogschutter.Select Genesis 21:20

21Hij woonde in de woestijn van Paran, en zijn moeder nam hem een vrouw uit het land van Egypte.Select Genesis 21:21

22Het was ongeveer in dezelfde tijd, dat Abimélek en zijn legerhoofd Pikol tot Abraham zeiden: God is met u bij al wat ge doet.Select Genesis 21:22

23Zweer mij hier dus bij God, dat ge mij, noch mijn geslacht en mijn stam, ontrouw zult worden; maar dat ge mij en het land, waarin ge als gast verblijft, dezelfde vriendschap zult bewijzen, als ik u heb getoond.Select Genesis 21:23

24En Abraham zeide: Ik zweer het.Select Genesis 21:24

25Maar tegelijk deed Abraham bij Abimélek zijn beklag, dat de knechten van Abimélek zich met geweld van zijn waterput hadden meester gemaakt.Select Genesis 21:25

26Abimélek zeide: Ik weet niet, wie dat gedaan heeft; ge hebt er mij ook nooit van gesproken, en ik heb er tot nu toe niets van gehoord.Select Genesis 21:26

27Daarop haalde Abraham schapen en runderen, gaf ze aan Abimélek ten geschenke, en zij sloten een verbond met elkander.Select Genesis 21:27

28Toen Abraham zeven lammetjes had afgezonderd,Select Genesis 21:28

29zei Abimélek tot Abraham: Wat betekenen die zeven lammetjes, die ge afgezonderd houdt?Select Genesis 21:29

30Hij antwoordde: Zeven lammetjes moet ge van mij aannemen; dit zal mij tot getuigenis dienen, dat ik die put heb gegraven.Select Genesis 21:30

31Daarom wordt die plaats Beër-Sjéba genoemd, omdat zij daar beiden een eed hebben gezworen.Select Genesis 21:31

32En nadat zij dus een verbond te Beër-Sjéba hadden gesloten, brak Abimélek met zijn legeroverste Pikol op, en keerde naar het land der Filistijnen terug.Select Genesis 21:32

33Abraham plantte een tamarisk te Beër-Sjéba, en riep daar de naam van Jahweh aan, den eeuwigen God.Select Genesis 21:33

34Nog lang bleef hij in het land der Filistijnen wonen.Select Genesis 21:34

Next: Genesis 22Continue reading

Petrus Canisius Translation (CANISIUS) · Public Domain

Reading settings

Choose a passage

Old Testament

New Testament

Genesis

Selected verses

Tap another verse to select a range.

Highlight

My Bible

Listen

Uses an English voice provided by your browser.