Genesis 49
Petrus Canisius Translation
Translation: CANISIUS
1Daarna riep Jakob zijn zonen en sprak: Verzamelt u en ik zal u verkonden, Wat u in de verre toekomst geschiedt.Select Genesis 49:1
2Komt bijeen en luistert, zonen van Jakob; Hoort naar Israël, uw vader!Select Genesis 49:2
3Ruben, gij mijn eerstgeborene, Mijn kracht en eersteling van mijn mannelijke rijpheid: De eerste moest ge in hoogheid zijn, De eerste in macht.Select Genesis 49:3
4Maar ge zijt een schuimende beek, Gij zult die voorrang niet hebben: Want ge hebt het bed van uw vader beklommen, Toen mijn sponde ontwijd.Select Genesis 49:4
5Simeon en Levi, echte broers: List en geweld zijn hun zwaarden:Select Genesis 49:5
6Mijn geest wil in hun plannen niet treden, Mijn hart heeft geen deel aan hun raad. Want in hun toorn hebben zij mannen verslagen, In hun moedwil stieren verminkt!Select Genesis 49:6
7Vervloekt hun toorn, zo heftig, Hun gramschap, zo fel: Ik zal ze verdelen in Jakob, Ze verstrooien in Israël!Select Genesis 49:7
8Juda, u prijzen uw broeders; Uw hand drukt op de nek van uw vijand, De zonen van uw vader buigen zich voor u neer!Select Genesis 49:8
9Juda, als een leeuwenwelp Stijgt gij omhoog na de buit, mijn zoon! Hij kromt zich, hij vlijt zich neer als een leeuw, En als een leeuwin: wie durft hem wekken?Select Genesis 49:9
10De schepter zal van Juda niet wijken, De staf niet tussen zijn voeten, Totdat Hij komt, wien ze behoort, En voor wien de volken zich bukken.Select Genesis 49:10
11Dan bindt hij zijn lastdier aan de wijnstok, Het veulen van zijn ezelin aan de wingerd; Dan wast hij zijn kleren in wijn, En in het druivensap zijn gewaad;Select Genesis 49:11
12Van wijn worden zijn ogen dan donker, Van de melk zijn tanden wit!Select Genesis 49:12
13Zabulon woont langs de oever der zee, En aan het strand bij de schepen; Hij keert Sidon de rug toe!Select Genesis 49:13
14Issakar is een bonkige ezel, Die tussen de kudde blijft liggen;Select Genesis 49:14
15Daar hij het rusten heerlijk vindt, En lieflijk het land: Kromt hij zijn rug om te dragen, En verricht hij slavendienst!Select Genesis 49:15
16Dan richt zijn volk Als een van Israëls stammen.Select Genesis 49:16
17Dan is een slang op de weg, Een adder op het pad; Hij bijt het paard in de hielen, En zijn berijder slaat achterover.Select Genesis 49:17
18—Select Genesis 49:18
19Gad: roverbenden stormen op hem aan, Maar hij zit hen op de hielen!Select Genesis 49:19
20Aser: heerlijk is zijn brood, Hij biedt koninklijke lekkernijen.Select Genesis 49:20
21Neftali: een wijdvertakte terebint, Die een prachtige kruin draagt!Select Genesis 49:21
22Een jonge vruchtboom is Josef, Een jonge vruchtboom aan de bron: Zijn ranken klimmen over de muur.Select Genesis 49:22
23Hoe men hem uitdaagt en tart, Hoe de boogschutters hem ook bekampen:Select Genesis 49:23
24Zijn boog blijft sterk, De spieren van zijn arm blijven lenig: Door de hulp van den Sterke van Jakob, Door de Naam van zijn Hoeder, Israëls Rots!Select Genesis 49:24
25Van den God van uw vader, die u helpt, Van den almachtigen God, die u zegent: Stromen zegeningen van de hemel daarboven, Zegeningen van de diepten beneden, Zegeningen van borsten en schoot,Select Genesis 49:25
26Zegeningen van uw vader! Ze gaan de zegeningen der oude bergen te boven, De kostbare gaven der eeuwige heuvelen; Zij dalen op het hoofd van Josef neer, Op de schedel van den vorst zijner broeders.Select Genesis 49:26
27Benjamin is een roofgierige wolf. Des morgens verslindt hij de buit, En des avonds verdeelt hij de roof!Select Genesis 49:27
28Dit zijn al de stammen van Israël, twaalf in getal. En zo sprak hun vader hen toe, toen hij hen zegende, en ieder van hen zijn bijzondere zegen verleende.Select Genesis 49:28
29Daarna gaf Jakob hun het volgende bevel: Wanneer ik bij mijn volk ben verzameld, begraaft mij dan bij mijn vaderen in de grot, op de akker van Efron, den Chittiet.Select Genesis 49:29
30Het is de grot op de akker van Makpela, ten oosten van Mamre, in het land Kanaän; de akker, die Abraham als een familiegraf van Efron, den Chittiet, heeft gekocht.Select Genesis 49:30
31Daar heeft men Abraham en zijn vrouw Sara begraven; daar heeft men Isaäk met zijn vrouw Rebekka begraven; en daar heb ik ook Lea begraven.Select Genesis 49:31
32Toen Jakob de opdracht aan zijn zonen ten einde had gebracht, trok hij zijn voeten terug op het bed, gaf de geest en werd verzameld bij zijn volk.Select Genesis 49:32
Petrus Canisius Translation (CANISIUS) · Public Domain